Afgelopen weekend was het zomerweekend van de Betastuf, waar de nieuwe faculteitsraad ingewerkt wordt. Om dat te doen wordt een raadsvergadering nagespeeld. Ik mocht Jan Poutsma zijn, die moest verdedigen dat het nieuwe levenswetenschappengebouw uitgesteld wordt vanwege een gras tekort (alles is al nodig in Oostenrijk en Zwitserland). Het is een goede oefening om te zien dat na alle voorbereiding van de FRaders ze toch nog voor het blok kunnen worden gezet tijdens een vergadering. Om daarna alles nog eens rustig met een biertje en een barbecue na te bespreken.
Het weekend was in Lauwersoog en aangezien er geen bussen rijden (echte streekbussen voor de verandering) en er geen trein in de buurt komt waren een groot aantal mensen aangewezen op de fiets. Dat was vrijdag nog wel een hele klus. De hele dag was het min of meer droog gebleven, maar zodra ik de deur achter me dicht deed voor de fietstocht begon het te regenen. Tijdens de ruim drie uur fietsen (het is ca 42 km) zijn we nog drie keer natgeregend. Eigenlijk erger dan de regen was de verschrikkelijke tegenwind. Zeker in de buurt van de Waddenzee kan het natuurlijk redelijk waaien. Wij hadden dat precies tegen.
Toch had het fietsen wel wat. Na zo’n regenbui is het landschap misschien wel op zijn mooist en zeker als de zon doorkwam dan waren alle kleuren mooi helder. Samen met de wijdse uitzichten, het licht glooiende landschap, de verzamelingen bomen in de verte en de dorpjes die zo uit Midsomer Murders weggelopen zouden kunnen zijn was het eigenlijk een mooie tocht.
Maar nog mooier was het op zondag, toen de terugreis een kleine twee uur duurde. Eenmaal thuis aangekomen begon het een beetje te regenen, maar dat maakte allemaal niet meer uit!
Het is de afgelopen twee nachten trouwens erg koud geweest. Ik ben druk bezig een goed ritme te kweken om mijn tentamens te gaan leren, maar als ‘s ochtends de wekker gaat heb ik toch vooral de neiging om nog even lekker de deken over mijn hoofd te trekken. Maar ja, dat is dus niet de bedoeling.