…althans, als je de Fortune 500 leest. De jongste miljardair is 23, dus dat haal ik niet meer. Balen.
Voor de rest ging het vandaag erg goed in het Lundse. Vorige week dinsdag hebben we alle data die we de afgelopen maanden bij elkaar hebben verzameld – 2500 moleculen – op een rijtje gezet en wat conclusies getrokken. Naar aanleiding daarvan heb ik deze week besteed om figuren te maken.
Toch waren we toch niet helemaal overtuigd. Ik zal proberen het uit te leggen. We hebben een 2D-scatterplot waar we twee waarden (een faseverschil in absorptie en emissie) tegen elkaar uitzetten. Bij een hoge temperatuur concentreren de punten zich rond de diagonaal (de waarden zijn dan gelijk) maar bij een lagere temperatuur liggen de punten boven de diagonaal.
Er gebeurt dus wat als de temperatuur verandert. Maar gebeurt er wat met de moleculen of de meting? Een gedachte (van Hongzhen) was dat als je de temperatuur verlaagt de achtergrondruis minder wordt (zeg bijvoorbeeld de intensiteit van de ruis daalt van 100 naar 10). Daardoor zou het kunnen gebeuren dat moleculen die eerst niet zichtbaar waren, opeens wel zichtbaar worden (bijvoorbeeld die met een intensiteit van 50). De moleculen veranderen dus niet, maar wat we meten. Eens kijken in de data…
Onze eerste aanname was dat de gemiddelde intensiteit (dat is wat je meet min de ruis) toeneemt met een lagere temperatuur (immers, stel dat je een molecuul meet die 200 heeft, dan zou de intensiteit toenemen van 100 naar 190). Het bleek echter dat de intensiteit gemiddeld daalde, een aanwijzing dat je inderdaad veel meer kleine moleculen meet. Helaas bleek de standaard deviatie bijzonder groot te zijn, dus echt betrouwbaar was het niet.
Met het drukken op wat knoppen konden we de 2D-scatterplot echter uitbreiden naar een 3D-scatterplot, waar we ook de intensiteit meenemen. Zo’n plot is echter wel moeilijk te lezen. Reden om de plot in stukjes te zagen: we knipten de hele dataset op naar intensiteit en maakte een 2D-plot voor elk van hen. Dat is een tamelijk saaie klus en ik begon honger te krijgen dus maakte ik de plots op de automatische piloot en printte ze.
Nadat ik naar de printer was geslenterd wandelde ik verder naar Hongzhen om het resultaat te laten zien. Onderweg legde ik de prints op volgorde. Toen ik ze eenmaal op een rijtje had liggen viel me een duidelijke trend op – overigens omgekeerd aan wat Hongzhen eerst dacht, de lage intensiteiten zijn geconcentreerd rond de diagonaal.
Nu is er veel af te dingen aan deze “trend”. De doorsnee van een laserstraal heeft geen constante intensiteit. De randen zijn een stuk minder intens (zo’n 40%) dan het midden. We hebben daar niet voor gecorrigeerd want de intensiteit van de moleculen was iets wat uit de data rolde maar verder niet gebruikt werd. Ook moeten we nog beginnen met brainstormen of er voor deze trend geen andere verklaring te verzinnen is.
Nóg meer om op te schrijven, wat een narigheid.